maandag 27 oktober 2008

Nieuwtje?


Voor wie het nog niet wist.... 27 april 2009 zal het ongeveer zo ver zijn.... Dan krijgt Tijs zijn broertje of zusje...!

maandag 20 oktober 2008

En de schuldige is… / Waar ligt mijn vertrouwen?

Wie is schuldig aan het ontstaan van de kredietcrisis? Terwijl de omvang van de crisis nog niet zichtbaar is en het dieptepunt nog niet bereikt is wordt de schuldvraag al gesteld en is het vingerwijzen begonnen. Politici, toezichthouders en bankiers buitelen over elkaar heen in een poging de oorzaak te benoemen en terloops hun eigen straatje schoon te vegen. Het woord ‘hebzucht’ is niet van de lucht: ‘bankdirecteuren, hypotheekadviseurs en beleggers hebben door hun hebzucht de basis gelegd voor deze crisis’, is een veelgehoorde redernering.
Als nuchtere Hollander heb ik het al snel uitgedacht, ‘geld wat je niet hebt kun je ook niet uitgeven’, en als die Amerikanen met z’n allen op de pof willen leven is dat prima, dan nu niet zeuren als je op de blaren moet zitten. Maar als een IJslandse Bank naar de kelder gaat blijkt die makkelijke redernering wel erg kort door de bocht te zijn, zeker als m’n eigen spaarcenten daarmee ook in rook opgaan…

Van mijzelf vond ik niet dat ik erg aan m’n geld vastzit maar als het plots weg lijkt blijkt dat toch wat anders te liggen, ik volg het nieuws op de voet en het verdwenen geld maalt door m’n hoofd. Hoe moet het met de keuken en de badkamer in het nieuwe huis, enz. redden we dat wel? Dan wordt ineens die schuldvraag wél interessant en zelfs relevant voor jezelf. A-ratings, IJslandse garantiestelsels en accreditatie van De Nederlandsche Bank blijken niets waard te zijn. De media geeft oorzaken genoeg, ‘IJsland heeft evenveel inwoners als de stad Utrecht, inwoners die ook allemaal op geleend geld leven, dat kan natuurlijk nooit goed gaan’, zeggen experts. Na twee dagen zweten spreekt de minister van financiën verlossende woorden, ik en de andere ‘ijsspaarders’ hoeven ons geen zorgen te maken, ons geld krijgen we terug.

In de Dikke van Dale wordt hebzucht omschreven als: ‘een sterk verlangen alles te willen hebben‘. Als ik dat als definitie neem, hoeveel hebzucht leeft er dan in mij? Ik ben ervan geschrokken wat het idee van het kwijtraken van het spaargeld met me doet. Is het mogelijk dat mijn eigen hebzucht in bepaalde omstandigheden zou kunnen uitgroeien tot die van de beurshandelaren, bankiers en beleggers die nu de verwijten over zich heen krijgen? En als dat zo is, ben ik dan niet medeschuldig? Als ik eerlijk ben verlang ik er ook naar om meer en meer te hebben, het verlangen naar meer rente bracht me, in figuurlijke zin, helemaal naar IJsland.

De Here Jezus zegt in Lukas 12 tegen een menigte mensen: ‘Pas op, hoed je voor iedere vorm van hebzucht, want iemands leven hangt niet af van zijn bezittingen, zelfs niet wanneer hij die in overvloed heeft.’ Nergens in de Bijbel lees ik dat veel bezit / rijkdom verkeerd is, wel wordt er uitgebreid gewaarschuwd voor het vasthouden aan je rijkdom. Spreuken 11 zegt, ‘Wie vertrouwt op zijn rijkdom is een blad dat valt…’, het gebeuren met ons spaargeld heeft me laten zien dat ik wél erg hecht aan mijn bezit, dat ik er in zekere zin op vertrouw en bij het wegvallen ervan me direct zorgen maak. Pijnlijk wordt duidelijk dat vertrouwen in banken en op m’n eigen geld onterecht is, zinloos zelfs. Het gemis van m’n IJslandse centen heeft me erbij bepaald dat ik moet leren dat bezit niet belangrijk is, het is leuk en makkelijk, maar da’s ook alles.

Ik moest denken aan dat kinderliedje, ‘ik stel mijn vertrouwen op de Heer mijn God, want in Zijn hand ligt heel mijn levenslot. Hem heb ik lief, Zijn vrede woont in mij…’ Wat een waarheid leer je dan als kind zingen, écht vertrouwen kan ik alleen op Onze Redder, op Zijn eigen woorden. Hij zegt: 'iemands leven hangt niet af van zijn bezittingen, zelfs niet wanneer hij die in overvloed heeft, (...) maar iedereen die Mij ziet en in Mij gelooft, heeft eeuwig leven.’ (Luk 12 / Joh 6)

maandag 13 oktober 2008

Hoezo slim?

Check dit, Tijsje is aan het spelen, hij rolt zijn knikkers (van die grote van de knikkerbaan) over de grond (want gooien mag niet) en kijkt ze na hoe ze door de kamer gaan. Een van de knikkers rolt onder de kast, Tijs loopt naar de kast, knielt, legt z’n koppie op de grond, steekt z’n arm onder uit en grabbelt met z’n handje onder de kast… Tevergeefs want hij kan er niet bij. En wat doet ‘ie? Hij staat op, rent naar de keuken, pakt de vliegenmepper en loopt snel terug naar de kast. Hij valt op z’n knieën, steekt de vliegenmepper onder de kast en schuift met de mepper de knikker onder de kast vandaan, pakt de knikker en speelt verder… Echt waar, mijn zoon is briljant!!
Bart